Wat is de I Tjing? Het Boek der Veranderingen uitgelegd
De I Tjing, het Boek der Veranderingen, is het oudste wijsheidsboek van China. De kern is zo'n drieduizend jaar oud, en het boek wordt nog altijd dagelijks geraadpleegd, van Peking tot Amsterdam. Dat is geen toeval: de I Tjing gaat over iets dat niet veroudert, namelijk hoe situaties veranderen en hoe je je daarin verstandig beweegt.
Het oudste boek over verandering
De naam zegt precies wat het boek doet: "I" betekent verandering, "Tjing" betekent klassiek boek. De grondgedachte is eenvoudig en radicaal tegelijk: niets staat stil. Elke situatie is een moment in een beweging. Wat groeit zal ooit afnemen, wat vastzit komt ooit los, en wie de richting van die beweging herkent, weet wat het moment vraagt: doorzetten, wachten, loslaten of bijsturen.
Het boek groeide over eeuwen. De oudste lagen worden toegeschreven aan koning Wen en de hertog van Zhou, rond duizend jaar voor onze jaartelling. Latere commentaren, deels verbonden aan de school van Confucius, maakten van het orakelboek een filosofisch werk. Taoïsten en confucianen lazen er allebei hun wereldbeeld in, en zo werd een handboek voor orakelpriesters langzaam een levensboek.
Hexagrammen en trigrammen
De I Tjing beschrijft vierenzestig grondsituaties. Elke situatie heeft een eigen teken, een hexagram: een figuur van zes lijnen boven elkaar, doorlopend (yang) of onderbroken (yin). Elk hexagram is opgebouwd uit twee trigrammen van drie lijnen. Er zijn acht trigrammen, elk verbonden met een beeld uit de natuur: hemel, aarde, donder, water, berg, wind, vuur en meer.
Twee trigrammen op elkaar vertellen samen een verhaal: donder onder de hemel beweegt anders dan water op de berg. Zo bestaat hexagram 1, Het Scheppende, uit tweemaal hemel: zuivere scheppingskracht. Hexagram 2, Het Ontvangende, is tweemaal aarde: dragende, voedende kracht. Alle vierenzestig tekens vind je in het hexagram-overzicht, met per teken het oordeel, het beeld en de lijnen.
De vertaling van Richard Wilhelm
Dat de I Tjing in het Westen zo bekend werd, is vooral te danken aan de Duitse sinoloog Richard Wilhelm. Hij werkte in China jarenlang samen met de geleerde Lau Nai Süan, die hem het boek regel voor regel uitlegde, en publiceerde in 1924 zijn Duitse vertaling. De Engelse editie van 1950 opende met een voorwoord van Carl Gustav Jung, die de I Tjing betrok in zijn denken over synchroniciteit. Wilhelms vertaling is niet de enige, maar wel de invloedrijkste: warm, literair en trouw aan de traditie. De duidingen op deze site bouwen op zijn tekst.
Hoe een raadpleging werkt
Een raadpleging begint met een vraag. Geen ja-nee-vraag, maar een open vraag naar een situatie: "hoe ga ik om met" werkt beter dan "moet ik". Daarna bouw je met een toevalsmethode een hexagram op, lijn voor lijn, van onder naar boven.
- De klassieke methode gebruikt vijftig duizendbladstelen: langzaam, aandachtig, en al ruim drieduizend jaar in gebruik.
- De snelle methode gebruikt drie munten die je zes keer werpt.
- Online kun je de stelen werpen met dezelfde kansverdeling als het origineel, zonder gereedschap.
Het resultaat is een hexagram, soms met een of meer bewegende lijnen. Die lijnen wijzen aan waar de situatie in beweging is, en ze leiden naar een tweede hexagram: de richting waarin de zaak zich ontwikkelt. Je leest de tekst en legt die naast je eigen vraag.
Wel een spiegel, geen waarzegger
Het misverstand is hardnekkig: de I Tjing zou de toekomst voorspellen. Dat doet het boek niet, en het beweert het ook nergens. Wat het wel doet: je situatie teruggeven in een andere taal. De tekst die je trekt is oud, beeldend en algemeen; jouw vraag is nieuw, concreet en van jou. In de ruimte daartussen ontstaat de duiding: je herkent iets, ziet je vraag van een andere kant en merkt wat je eigenlijk al wist maar nog niet had toegelaten.
Zie de I Tjing als een wijze gesprekspartner die nooit zegt wat je moet doen, maar altijd vraagt of je goed hebt gekeken. Of het toeval van stelen of munten "echt" iets weet, mag ieder voor zichzelf beslissen; de waarde van de raadpleging hangt er niet van af. Wie serieus een vraag stelt en de tekst serieus naast zijn situatie legt, doet iets dat zeldzaam is geworden: stilstaan bij een beslissing voordat hij haar neemt.
Veelgestelde vragen
- Hoe oud is de I Tjing?
- De oudste lagen van de I Tjing zijn zo'n drieduizend jaar oud en worden toegeschreven aan koning Wen en de hertog van Zhou. Latere commentaren, deels uit de school van Confucius, maakten er een filosofisch werk van. Daarmee is het het oudste Chinese wijsheidsboek dat nog dagelijks wordt gebruikt.
- Wat is een hexagram?
- Een hexagram is een figuur van zes lijnen, doorlopend (yang) of onderbroken (yin), opgebouwd uit twee trigrammen van drie lijnen. De I Tjing kent vierenzestig hexagrammen, en elk beschrijft een grondsituatie uit het menselijk leven.
- Voorspelt de I Tjing de toekomst?
- Nee. De I Tjing voorspelt geen gebeurtenissen, maar spiegelt je huidige situatie en de richting waarin die beweegt. Je leest de tekst naast je eigen vraag en trekt zelf je conclusies.
- Welke vertaling van de I Tjing is de bekendste?
- De vertaling van Richard Wilhelm uit 1924 is de invloedrijkste in het Westen. De Engelse editie uit 1950, met een voorwoord van Carl Gustav Jung, maakte het boek wereldberoemd.