I Tjing Orakel English

I Tjing Orakel Gids Toen een hexagram nog een reeks cijfers was

Toen een hexagram nog een reeks cijfers was

De I Tjing die je nu opent is een boek van lijnen: zes gebroken of ongebroken strepen, soms met een lijn die omslaat. Die vorm is oud. Ze is alleen niet het begin. Voor de lijnen kwamen cijfers, en voor de cijfers kwamen scheuren in bot.

Chinese bronnen zetten twee begrippen vast naast elkaar. 卜 is het verhitten van schildpadschild of schouderblad tot het barst. Shì 筮 is het tellen van duizendbladstengels. Samen heten ze shīguī 蓍龟: duizendblad en schildpad. Chinese bronnen hanteren dat als een vast begrippenpaar.

Bot en schild bij Anyang

De Shang-orakelbotten (jiǎgǔwén 甲骨文) zijn beschreven runderschouderbladeren en schildpadbuikschilden. Ze werden verhit tot ze scheurden; de scheurpatronen golden als voorspelling. De meeste bewaarde stukken dateren uit de late Shang-periode, ruwweg 1250-1050 v.Chr. De vroegste inscripties, uit de regering van koning Wu Ding, zijn op basis van koolstofdatering rond 1254-1197 v.Chr. geplaatst.

Ze zijn gevonden bij het huidige Anyang in Henan, de laatste hoofdstad van de Shang. De geleerde Luo Zhenyu (罗振玉) wees deze plek, Yinxu (殷墟), in 1908 aan als herkomst van de botten. De Zhou veroverden de Shang rond 1046-1045 v.Chr. Dat is ongeveer de bovengrens van de klassieke orakelbotpraktijk.

Volgens World History Encyclopedia ging die praktijk vooraf aan de latere Zhouyi-waarzeggerij met hexagrammen, en bestond ze aanvankelijk ernaast. Dezelfde bron dateert de Zhouyi als tekst op zijn vroegst rond 1100 v.Chr., enkele eeuwen na de oudste orakelbotten. Over de precieze datering van de kern-Zhouyi bestaat onder geleerden geen overeenstemming. De traditionele toeschrijving noemt de 11e eeuw v.Chr. (koning Wen en de hertog van Zhou); filologisch onderzoek van onder anderen Gu Jiegang, Kunst en Shaughnessy plaatst het samenstellen soms later, in de vroege tot midden-Westelijke Zhou. Dat debat hoort bij de vragen waarover geleerden twisten.

Volgens Guangming Wang (光明网), de online-editie van het dagblad Guangming Ribao (光明日报), schrijft het hoofdstuk Hongfan 洪范 van het Boek der Documenten (尚书) dat bij belangrijke beslissingen zowel schildpad als duizendblad werd geraadpleegd, elk met een eigen rol. Diezelfde bron beschrijft een verschuiving: onder de Shang en de vroege Zhou was de schildpad dominant; vanaf ongeveer de Han-tijd overtrof het duizendblad die methode in aanzien.

Guangming Wang geeft twee Chinese verklaringen. Oude Chinezen, zo heet het daar, prefereerden het schildpadschild deels omdat het buikschild beter tegen verval bestand is dan ander bot; dat verklaart mede waarom juist dit materiaal tot vandaag bewaard bleef. De klassieke uitleg, toegeschreven aan Confucius, leest het teken 蓍 als "oud" en 龜 als "langlevend": beide raadplegen was als raad vragen aan ervaren ouderen.

Dat wijst erop dat het archeologische beeld scheef kan staan. Schild en runderbot blijven liggen. Duizendbladstengels doen dat niet. Wie alleen de vondsten telt, ziet een wereld van botten. De teksten spreken van twee praktijken tegelijk.

Zhang Zhenglang en de cijfers op brons

Op merkwaardige reeksen van drie of zes cijfertekens, op Shang- en vroeg-Zhou-orakelbotten en op bronzen inscripties, braken geleerden decennialang hun hoofd. De historicus en paleograaf Zhang Zhenglang (张政烺, 15 april 1912 - 29 januari 2005) herkende ze als de vroegste vorm van Yi-hexagrammen.

Zhang werd geboren in Rongcheng in Shandong, studeerde in 1936 af aan de geschiedenisafdeling van Peking University, was daar hoogleraar vanaf 1946, en werkte vanaf 1966 als onderzoeker aan het Instituut voor Geschiedenis van de Chinese Academie van Wetenschappen. Eind november of begin december 1978 presenteerde hij zijn vondst op een paleografiecongres aan de Jilin-universiteit in Changchun. In 1980 verscheen het artikel in Kaogu Xuebao (考古学报, "Archeologisch tijdschrift"), nummer 4, onder een titel die neerkomt op een poging de Yi-hexagrammen in bronzen inscripties uit het vroege Zhou uit te leggen.

Zhang zelf sprak van een Yi-hexagram (yìguà 易卦), een waarzegcijfer (shìshù 筮数) of een waarzeghexagram (shìguà 筮卦). De term "numeriek hexagram", later gangbaar in westerse vakliteratuur, is geen term uit het oude China.

Wat hij vond waren reeksen van drie of zes cijfers. Oneven cijfers las hij als yang-lijn, even cijfers als yin-lijn. Zo laten de reeksen zich omzetten in de gebroken en ongebroken lijnen van trigrammen en hexagrammen. De cijfers zelf zijn vooral 一 (1), 五 (5), 六 (6), 七 (7), 八 (8) en 九 (9): meer dan de twee waarden van de latere klassieke lijn.

Volgens moderne vakliteratuur, onder meer Shaughnessy in 1993, zijn deze cijferreeksen ouder dan de latere binaire lijnstijl. De lijnvorm is in die lezing een latere vereenvoudiging van een ouder cijfersysteem, niet andersom. Zhang stelde verder dat de acht trigrammen al in het neolithicum zouden zijn ontstaan en de 64 hexagrammen al in de Shang-periode. Dat is zijn these, geen vaststaand feit. De gevonden inscripties bewijzen die datering niet met zekerheid.

Onze lezing: Zhang ontcijferde de reeksen door ze in een later vocabularium te vertalen, oneven als yang, even als yin. Die sleutel werkt. Ze zegt nog niet dat de makers van de inscripties zelf al in yang en yin dachten.

Vier fasen, en een bamboetekst uit Tsinghua

中国社会科学网 (China Social Sciences Net, het online platform van de Chinese Academie voor Sociale Wetenschappen) deelt het onderzoek in vier fasen in: een speculatieve periode, Zhangs doorbraak vanaf 1978, een weerleggingsperiode die historicus Li Xueqin (李学勤) rond 1999 inzette, en een verificatieperiode.

Li betwijfelde of alle cijfergroepen wel als volwaardige Yi-hexagrammen gelezen moeten worden. Hij wijzigde zijn standpunt later ten dele, na studie van de Tsinghua-bamboestrips. De afdeling Filosofie van de Tsinghua-universiteit meldt dat pas de publicatie, in 2013, van de Tsinghua-bamboetekst Shifa (筮法) definitief bevestigde dat de yin-yang-lijnsymbolen van de Yijing zijn afgeleid van specifieke oudere cijfervormen.

Volgens 人民网 telt die Shifa 63 stroken, is volledig intact, en is de enige nog in zijn oorspronkelijke boekrolvorm teruggevonden bamboetekst. Ze bevat losse illustraties of diagrammen en behandelt 17 soorten vragen (mìng 命), tegenover de 8 die het latere rituele handboek Zhouli (周礼) noemt. In de tekst staan 114 genoteerde numerieke hexagrammen, opgebouwd uit zes cijfers: 一, 四, 五, 六, 八, 九.

Leg je die zes cijfers naast de Shang- en vroeg-Zhou-reeksen, dan valt op dat beide corpora zes waarden kennen, maar niet dezelfde zes. De oude inscripties hebben vooral 1, 5, 6, 7, 8 en 9. De Shifa heeft 1, 4, 5, 6, 8 en 9: wel een 4, geen 7. De klassieke duizendbladtelling levert een derde set: 6, 7, 8 of 9. Onze lezing: de cijferwoordenschat lag niet vast. Wat later binair lijkt, is het eindpunt van versmallingen, niet het startpunt.

De Yijing-onderzoeker Ding Sixin (丁四新), hoogleraar aan Tsinghua en Peking University, publiceerde in 2022 op 儒家网, overgenomen door 中国社会科学网, dat het onderzoek naar numerieke hexagrammen tot een einde zou moeten komen (数字卦研究应当走向终结). De term zou begripsverwarring scheppen en geen historische legitimiteit hebben. Tsinghua zegt dat de afleiding van lijn uit cijfer is bevestigd. Ding zegt dat de naam van het paradigma beter kan verdwijnen.

Onze lezing: de empirische vraag, of de cijfers bij de Yi horen, is grotendeels beantwoord. De naamgeving is dat niet. Een vak dat over zijn eigen term strijdt, twijfelt minder aan de vondsten dan aan hun naam en duiding.

Duizendblad en de telling

De plant van de klassieke methode is duizendblad (蓍草, shīcǎo). Volgens een Chinees overzichtsartikel heeft ze stevige, rechte, taaie stengels die ook gedroogd niet snel breken. De klassieke telmethode, beschreven in de Grote Verhandeling (Xìcí 系辞), een van de Tien Vleugels, gebruikt 50 stengels. Eén wordt apart gelegd, als teken van het Ene of Taiji. Met de overige 49 wordt geteld en verdeeld.

De cijfers die uit die telling rollen zijn 6, 7, 8 of 9. Negen is oude yang: een volle lijn die omslaat naar yin. Acht is jonge yin: een gebroken lijn, stabiel. Zeven is jonge yang: een volle lijn, stabiel. Zes is oude yin: een gebroken lijn die omslaat naar yang. Leg je die conventie naast de oudere reeksen, dan is ze een verdere versimpeling van de waaier 1, 5, 6, 7, 8, 9.

De overlevering situeert het begin van het duizendblad bij de mythische cultuurheld Fu Xi (伏羲), die met stengels uit een tuin bij zijn graftempel de trigrammen zou hebben gelegd. Fu Xi is geen historisch verifieerbare figuur. De toeschrijving is traditie, geen bewijs. Hetzelfde geldt voor de sage van vier wijzen die het boek na elkaar zouden hebben gemaakt: Fu Xi de trigrammen, koning Wen en de hertog van Zhou de hexagram- en lijnteksten, Confucius de commentaren. Moderne filologie beschouwt dat als een achteraf geconstrueerde toeschrijving. Het auteurschap van Confucius over de Tien Vleugels wordt al sinds de Song-geleerde Ouyang Xiu in de 11e eeuw, en door vrijwel alle moderne onderzoekers, verworpen.

Dertien raadplegingen in de Zuozhuan

De Zuozhuan (左传), het commentaar op de Lentes-en-Herfstannalen, bevat dertien waarzegvoorvallen met de Zhouyi, met in totaal veertien hexagrammen; één voorval betrof twee raadplegingen. Het vroegste geval valt in het 22e regeringsjaar van hertog Zhuang van Lu (庄公二十二年), 672 v.Chr. Een hofschrijver van Zhou raadpleegde voor de heerser van Chen de Zhouyi over diens pasgeboren zoon Jing Zhong (敬仲). Het orakel wierp hexagram Guān 觀, dat omsloeg naar Pǐ 否, en voorspelde dat niet Chen zelf maar een latere afstammeling via de Jiang-lijn in een ander land zou heersen. Naderhand werd dat gelezen als vervuld toen nakomelingen van Jing Zhong de stamvaders werden van latere heersers van Qi.

Volgens een Chinees overzicht van deze gevallen werd in het 15e jaar van hertog Xi (僖公十五年, 645 v.Chr.) de Zhouyi geraadpleegd over het huwelijk van Boji met de heerser van Qin. Hexagram Guī Mèi 归妹 sloeg om naar Kuí 睽. Het orakel voorspelde onheil. Volgens de Zuozhuan strandde het huwelijk zes jaar later in oorlog en vlucht.

In de passage over dat jaar van hertog Xi staat de formule dat de schildpad een "beeld" geeft, afgeleid van de scheurpatronen, en het duizendblad een "getal". Dat wijst erop dat beide technieken destijds bewust naast elkaar bestonden, elk met een eigen soort uitkomst. Leg je die formule naast Zhangs cijferreeksen, dan valt op dat het duizendblad al een getallenpraktijk was voordat het een lijnenboek werd. Het beeld hoorde bij het bot; het getal hoorde bij de stengel.

Van de dertien voorvallen hebben er volgens dat overzicht drie geen bewegende lijn, heeft er één meerdere bewegende lijnen tegelijk, en hebben de overige tien precies één bewegende lijn. Dat wijst erop dat één omslag in deze vroege praktijk de norm was, en dat latere regels voor meerdere bewegende lijnen een uitbreiding zijn. Volgens hetzelfde overzicht lopen de thema's uiteen: huwelijk, geboorte, opvolging, oorlog, offers, verhuizing van een hofzetel. De Zhouyi was in die lezing aan de hoven van de Lente-en-Herfstperiode (770-476 v.Chr.) een gangbaar hulpmiddel bij praktische beslissingen.

Yin en yang, later erbij geschreven

Het begrippenpaar yin-yang, als filosofische naam voor de hexagramlijnen, komt volgens de Stanford Encyclopedia of Philosophy niet voor in de korte hexagram- en lijnteksten van de oudste Zhouyi zelf. Het wordt pas uitgewerkt in de Tien Vleugels, gecomponeerd tussen de 5e en 2e eeuw v.Chr. De Xìcí-vleugel is de commentaartekst waarin die kosmologie het uitvoerigst aan de lijnen wordt gekoppeld.

Zet je de gegevens op een rij, dan komt de volgorde neer op drie stappen. Eerst cijferreeksen met meerdere waarden in de late Shang en vroege Zhou. Daarna een vereenvoudiging tot gebroken of ongebroken. Pas daarna, in de Tien Vleugels, de koppeling aan yin en yang. Yin en yang zijn geen oerbegrippen waarmee de makers van de Zhouyi bewust werkten. Ze zijn een latere leeslaag.

Bronnen

Het oude ritueel Werp de duizendbladstelen Stel je vraag en bouw je hexagram lijn voor lijn op, met de klassieke kansverdeling.

Verder lezen

Terug naar de gids